Stichting Oktober 44
  • Oktober 44

    Een aanslag van een verzetgroep bleek voor de bezetter aanleiding tot een vreselijke
    vergeldingsactie...

    Ongeveer 110 huizen werden in brand gestoken...

  • Oktober 44

    Putten was in oktober 1944 het toneel van de ergste wraakactie die Duitsers in de Tweede Wereldoorlog in Nederland hebben begaan.

    Vrouwen gingen de hongerwinter in zonder man.

  • Oktober 44

    Een echte, georganiseerde illegaliteit was er niet in Putten in de eerste jaren van de oorlog.

    Pas in 1944 kwamen enkele groepen tot stand.

Terreur op de Veluwe in de periode 1/9-31/12-1944
en ook: Hoe sterk is de eenzame fietser?

De Duitse bezettingsmacht wist dat op de Veluwe veel verzetsgroepen huisden en veel onderduikers en gestrande geallieerde militairen waren verborgen. Dat dit juist op de Veluwe veel voorkwam had diverse oorzaken o.a.:

  1. Het bosrijke, dun bevolkte gebied leende zich uitstekend voor “onderduikgebied”.
  2. Op 5 september 1944 (“Dolle Dinsdag” ) was nog eens extra gebleken dat de Veluwse bevolking grotendeels anti-Duits was.
  3. De staking van NS-personeel op 18 –9-1944 veroorzaakte een nieuwe golf onderduikers.
  4. Na het mislukken van de op 17-9-1944 begonnen operatie Market Garden (de luchtlandingen rond Arnhem) waren veel geallieerde militairen door verzetsmensen rond Arnhem opgevangen en verborgen over de gehele Veluwe (ZwH)


Om hun positie in dit gebied te handhaven werd per 1-11-1944 het Bataljon Helle overgeplaatst van Amersfoort naar Nieuw Milligen. De opdracht van het Bataljon Helle was de Veluwe te zuiveren van geallieerde parachutisten en piloten en partizanen-groepen te bestrijden en uit te roeien. Het bataljon, bemand door veel Hollandse S.S.-ers, stond onder commando van Sturmbahnführer Helle. Zijn adjudant was Untersturmführer Naumann (die op 1-10-2000 “anoniem” met zijn vrouw de herdenking van de slachtoffers van de Putter razzia bijwoonde).

De staf kwam in Hotel “Bos en Heide”. Het bataljon dat van 1-11 tot 17-12-1944 op de Veluwe verbleef bestond uit de compagnieën 5, 6 en 7 (ingekwartierd rond het Uddelermeer) en 8 onder Hauptman Hink (gehuisvest in Meerveld). In de 6 weken dat deze Hollandse S.S.-ers onder Duitse leiding op de Veluwe huisden hebben ze hier het verzet zware verliezen en veel gezinnen onnoemelijk leed toegebracht. (BO) Commandant Helle maakte zich bij zijn onderzoek niet druk over wettige bewijzen van schuld. Als hij vond dat de onschuld van zijn slachtoffers niet was bewezen, liet hij het verder aan zijn adjudant Naumann over deze te laten verdwijnen.

Naumann had een “uitstekende helper” in de beul Krause, een Rijksduitser uit de Oekraïne en soms aan de S.S. Unterscharführer Oudheusden, een voormalig kantoorbediende uit Putten. (BO) Ze namen hun slachtoffer mee naar de hei, er knalde een schot en de onschuldige verdween in een naamloze kuil. Tot de compagnie Hink behoorde ook de Unterscharführer G.A. van de Wal, die lang in Putten had gewoond. Hij was N.S.B.-er en werd lid van de Hollandse S.S.. Hij was een enorme streber en zijn activiteiten hadden al tot vele slachtoffers geleid. Hij was daarvoor bevorderd tot Oberscharführer en kreeg de belofte tot officier te zullen worden opgeleid (en dat in november 1944!).

Het commando Helle fungeerde als “drijvers” voor de S.D. (Sicherheitsdienst) uit Apeldoorn, de jagers! Deze S.D.-eenheid was + 60 man groot en kwam begin september 1944 naar Apeldoorn vanuit Antwerpen. De groep bestond uit Duitsers en Belgen, voormalige S.S.-ers, Rexisten genoemd. Geholpen door o.a. het commando Helle waren ze in korte tijd veel te weten gekomen over verzetsgroepen op de Veluwe, mede ook door hun barbaarse verhoormethoden. Enkele dagen voor de bevrijding schoten ze op 12 en 13 april 1945 hun laatste gevangenen neer in het Kruisjesdal bij Apeldoorn. Tot deze S.D.-groep behoorden o.a.:Theodoor Verhulsdonk, Hauptscharführer. Betrokken o.a. bij arrestatie van Piet van de Veluwe; familie Drost, Ermelo en de overval op Drie. Gaf slachtoffers van Woeste Hoeve genadeschoten en was aanwezig bij de fusillade in het Kruisjesdal. Emiel Thonon, bijgenaamd de Rat (Belg) geboren 6-12-1896. Was betrokken bij de arrestaties van Piet van de Veluwe en familie Drost. Schoot samen met Touseul Jannes Born dood.

Anton Touseul, geboren 27-06-1921 te Breda, tolk en wachtsman. Op 26-12-1952 met 6 andere oorlogsmisdadigers ontsnapt uit de gevangenis De Koepel te Breda. Verder hoorden bij deze groep o.a.: Hauptsturmführer Fielitz, tot januari 1945 commandant Dierikx, Chantraine, omgekomen bij een vuurgevecht met een Apeldoornse verzetsgroep in de Nijverheidsstraat te Apeldoorn. Was betrokken bij de overval op bakkerij Drost in Ermelo evenals Hauptscharführer Hermann Veit. (HB) Met dergelijke gewetenloze en meedogenloze tegenstanders, die bovendien wisten dat hun zaak verloren was en zij zelf niets meer te verliezen hadden, kon het bijna niet anders of het verzet zou zware verliezen lijden. In de nacht van 14 op 15 november 1944 stopten 2 Duitse militaire auto’s bij de muziektent in Ermelo. Uit één ervan stapten de S.D.-er Verhulsdonk, de gevangen genomen verzetsman Ansems en enkele anderen de Stationsstraat in. Ansems moest (gedwongen) aanwijzen waar de bakkerij Drost was (ongeveer waar nu Bar Twins/Scapino is), waarna men terugliep naar de auto’s. Ansems bleef onder bewaking van de chauffeur in een auto achter terwijl de rest met de andere auto naar Bakkerij Drost reed, die werd omsingeld. Verhulsdonk, commandant van deze expeditie, had opdracht Piet van de Veluwe, volgens afgeperste informatie van de S.D. een terrorist die hier was ondergedoken, te arresteren. (BO) De verzetsman Ansems, die werd gedwongen de weg te wijzen, is op 2 december 1944, samen met 12 anderen – waaronder H. Drost – op het voetvalveld van de Willem III-kazerne, zonder vorm van proces neergeschoten. (HB) Bij de overval op de bakkerij Drost werden onder andere Berend Dijkman en de heer en mevrouw Drost gearresteerd en viel tevens het gehele archief van het verzet op de NW-Veluwe in handen van de S.D. In dit archief kwam, naast vele persoonsgegevens, onder andere ook een aantekening voor over een bunker in Drie. Deze aantekening was aanleiding voor een overval van de S.D. op Drie op 13-12-1944.

Van deze overval ontving ik na een interview van de heer W. Born te Putten, de enige overlevende van het drama in het bos bij Drie, de volgende verklaring:

Verzetsgroep rond Bunker van Drie

Ik kom tot de ontdekking dat gegevens in de huidige geschiedschrijving voorkomen die niet juist zijn. Voor de geschiedschrijving geef ik als enige overlevende van het drama in het bos bij Drie de goede gegevens.

Zendinstallatie

De zender is nooit bij ons in huis gestationeerd geweest maar was opgesteld in een kuil nabij de brandtoren. Men had op die plaats de mogelijkheid de antenne van de zender in de brandtoren te brengen, zodat men geen hinder had van het bos. De brandtoren was niet de huidige toren die van staal is, maar een toren van hout die enkele honderden meters richting Putten in het bos stond. Om te kunnen zenden had men stroom nodig, wat in die tijd nog niet op Drie was. De zender werkte op een accu, die gevuld werd door een windmolen bij de familie Schuurkamp in Speuld. Enige keren per week werd de accu geruild, een werkje wat ik meestal mocht doen. Vaak was er in die periode in 1944 te weinig wind om de accu te laden. Als noodoplossing is er toen aan een fiets (op standaard) een dynamo gemonteerd zodat op die manier de accu geladen kon worden. De fiets stond in de woonkamer zodat we om beurten konden gaan fietsen.

Er waren geen twee zoons van Born in het bos aan het werk.

Bij het drama waren de volgende personen betrokken:

Herman Leus (marconist) bij de familie Born in huis. De schuilnaam was Sjaak.
Corneille du Corbier (hulpmarconist) bij de familie Born in huis. De schuilnaam was Kees.
Jannes Born (zoon). De roepnaam was Jannes.
Willem Born (zoon). De roepnaam was Willy.
Berend Dijkman alias Piet Veluwe.
Theodoor Verhulsdonk (SD Apeldoorn). Roepnaam Verhulsdonk.
Anton Touseul (SD Apeldoorn). Roepnaam Tonny.
Emiel Thonon (SD Apeldoorn). Roepnaam De Rat.

Hieronder volgt het echte verhaal.

Op 13 december 1944 werd er, doordat er familie op bezoek was geweest, later dan normaal gegeten. Na het middagmaal gingen Jannes, Kees en Sjaak samen lopende naar de bunker om daar wat te werken. Bij de bunker liepen zij in de val van de SD Bij het huis van de familie Born werden schoten gehoord. Direct na het horen van de schoten ben ik (Willy) op de fiets gestapt en was in enkele minuten bij de bunker. Daar aangekomen zag ik vanaf het bospad personen in het bos. Ik kreeg bevel met de handen boven het hoofd naar de personen toe te lopen. De afstand was ongeveer vijftig meter (de plaats waar nu het paaltje staat). Daar aangekomen zag ik het volgende verschrikkelijke tafereel. Op de grond lagen: Jannes (geveld door een schot in de maagstreek) werd op de vlucht neergeschoten en was naar deze plaats gesleept over een afstand van meer dan vijftig meter. Kees (zwaar gewond door vele schoten in de linkeronderbuik). Hij had geen mogelijkheid gehad een vluchtpoging te proberen.  Sjaak, ongewond. Sjaak heeft zich direct overgegeven aan de SD. De verzetsmensen werden bewaakt door drie personen uit de SD uit Apeldoorn, die ook de daders waren van het verschrikkelijke drama. De volgende SD-ers stonden er bij: Verhulsdonk (gewapend met karabijn) heeft vermoedelijk Jannes doodgeschoten. Tonny (gewapend met machinepistool) heeft vermoedelijk Kees doodgeschoten. De Rat (gewapend met groot pistool Colt).

Het bevel was deze dag in handen van Verhulsdonk. Ik moest met de handen omhoog tegen een boom gaan staan vlak bij de gewonden. Ondertussen werden door de SD-ers de meest rotte en sadistische grappen over de gewonden gemaakt. De gewonden hadden onmenselijke pijnen. Na ongeveer twee uur overleed Jannes. De bunker is bijna zeker aangewezen door Piet Veluwe want hij was later ook in een personenauto van de SD aanwezig bij de overval op het huis van de familie Born. Toen Jannes was overleden kwam er vrij gauw een Duitse legerauto met bemanning die de gearresteerden moesten afvoeren. Samen met Sjaak moest ik mijn overleden broer naar het bospad dragen, waar hij als terrorist tot voorbeeld van anderen moest blijven liggen. Hier heeft hij van woensdag tot zondag gelegen. Twee inwoners van Speuld hebben hem daar op zondag gevonden. Het stoffelijk overschot, afgedekt met een zeil, is op zondagmiddag door de gemeente Ermelo met een paard en wagen naar Ermelo gebracht. Jannes is op dinsdag 19 december begraven in Ermelo.

In 1972 is hij herbegraven op het Ereveld Loenen. Hierna moesten Sjaak en ik de zwaargewonde Kees in de laadbak leggen. Sjaak moest in de laadbak bij Kees gaan liggen. Ik moest in de cabine van de vrachtwagen naast de chauffeur gaan zitten. De weg naar ons huis hoefde ik niet te wijzen want dat was reeds gedaan door Piet Veluwe. (Hij zat bij ons huis in een personenauto van de SD te roken). Achterin de vrachtwagen was nog wat gestommel en viel een pistoolschot echter zonder merkbaar gevolg. Bij de overval op ons huis werden direct de ruiten van de tuindeuren ingeslagen. Bij huize Born werden de volgende personen aangehouden en in de kelder gestopt: Hans Born, leeftijd 4 jaar. Bram Born, leeftijd 13 jaar. Moeder Born, Vader Born, Evert Born, Bram van Eikenhorst, Aartjen Simon, Bakker Dooijewaard uit Ermelo, mevrouw R. Mulder, Willem Born (was reeds in het bos was gearresteerd). Later in de avond werden de volgende personen overgebracht naar de Willem III-kazerne in Apeldoorn: Moeder Born, die in maart werd vrijgelaten. Vader Born (overleden in Neuengamme). Evert Born (overleden in Duitsland?). Bram van Eikenhorst (overleden in Duitsland). Bakker Dooijewaard (overleden in Duitsland). Aartjen Simon (vrijgekomen in Groningen). Herman Leus is doodgeschoten bij De Woeste Hoeve. Corneille du Corbier is op 28 februari 1945 overleden in het Kriegslazaret in Apeldoorn. Mevrouw R. Mulder was dienstbode bij de buren en werd direct vrijgelaten. Hans, Bram en Willy Born bleven onder bewaking achter in het ouderlijk huis. Willy onder zware bewaking. Donderdagmorgen werd bij huize Born Jeanne Bosz gearresteerd. Donderdagavond werden Hans, Bram en Willy vrijgelaten. Het huis werd de avond van 14 december 1944 verbrand.

Hoogachtend,
w.g.
W. Born

Berend Dijkman, schuilnaam Piet van de Veluwe werd in de nacht van 14 op 15-11-1944 in Ermelo door de S.D. gearresteerd. Hij was politieman in Ermelo, een jonge kerel (geboren 14-10-1904 te Assen) en beschikte – zoals in de oorlog bleek – over veel durf. Vanaf het begin van de bezetting deed hij alles om de Duitse regels te saboteren. Hij stond oogluikend toe dat er clandestien werd geslacht als het vlees voor normale prijzen werd verkocht. Samen met één van de broers Townsend, die controleur van de C.C.D. (= Crisis Controle Dienst) was werd door hem overal waar de dorsmachine werkte zoveel mogelijk graan aan inlevering bij bezettingsinstanties onttrokken.

Hij werd door de Duitsers gearresteerd en verbleef 21 maanden in Duitse concentratiekampen. Toen hij in Ermelo, bij bakker Drost, terugkwam wijdde hij zich volledig aan het verzetswerk. Dijkman was moedig, hij was een prettig kameraad waardoor iedereen graag met hem samenwerkte. Al gauw was hij – onder de schuilnaam Piet van de Veluwe – de ziel van het verzet op de Veluwe. Onder zijn leiding werden van Hattem tot aan de Rijn nieuwe verzetsgroepen gevormd. Hij miste echter de scholing om aan het hoofd van zo’n grote organisatie te staan. Hij had de bekwaamheid om als strijder en aanvoerder op te treden, maar vond het moeilijk om als bevelhebber anderen de opdrachten te laten uitvoeren. Hoewel hij goede medewerkers had werd het geheel te groot en noodgedwongen ging Dijkman ertoe over het oostelijk deel van het gebied in handen te geven van “Piet van Arnhem” (Ir. P.C. Kruijff). Op 14-11-1944 was er bij Drost een belangrijke vergadering waar onder andere aanwezig waren Joop Balk, Dr. Blümcke, Peter van Scherpenzeel, Begeman e.a.

Voor deze vergadering was het gehele, zeer omvangrijke archief uit de schuilplaats (een bijgebouwtje van het Bosbad Ermelo) gehaald. Tegen alle veiligheidsvoorschriften in werd het na afloop niet naar de schuilplaats teruggebracht omdat het stortregende. Daardoor viel het bij de overval van die nacht in handen van de S.D. met alle desastreuze gevolgen voor het Veluwse verzet. (BO) Onder andere Berend Dijkman, Henk Drost, Begeman en Mevrouw Drost werden meegenomen naar Apeldoorn en de bakkerij werd afgebrand. Dijkman werd direct bij aankomst in de Willem III-kazerne in een afzonderlijke cel opgesloten. Na de bevrijding verklaart de S.D.-er Thonon in niet-officiële verhoorverslagen van waarschijnlijk de P.O.D. (Politieke Opsporings Dienst) over Dijkman: “Hij is niet mishandeld en genoot een zeer goede behandeling. Aangezien zijn papieren gevonden waren heeft hij alles verteld en werd hem door Verhulsdonk beloofd dat hij niet gefusilleerd zou worden”.

Verhulsdonk zegt bij zijn verhoor dat hij in het archief van Piet van de Veluwe een berisping heeft gevonden, aan Dijkman gegeven door de hogere verzetsleiding, omdat hij nog steeds zijn bunker op Drie niet had betrokken. (Deze aantekening was aanleiding voor de overval op Drie op 13-12-1944). Tevens verklaart Verhulsdonk dat Dijkman door de S.D. steeds zeer goed is behandeld en ook zegt hij: “Dijkman vertelde vlot en veel”. Thonon verklaart: “Dierikx, Tonseul en ik zijn met Piet (van de Veluwe) naar Ermelo gereden en in het bos heeft hij ons een ondergrondse bunker aangewezen”. (POD) In het boek “Putten, de razzia en de herinnering” zegt de schrijfster: “Op 13-12-1944 wees Dijkman de S.D. de plaats aan van de ondergrondse bunker in Drie”. Bij de herbegrafenis van Berend Dijkman in Leeuwarden vanuit zijn ouderlijk huis door collega’s uit het verzet, zegt één van deze verzetsmensen in de grafrede: “Een goed Vaderlander, een moedig mens wiens naam in de analen van de verzetsgeschiedenis van Nederland zeker niet mag ontbreken.

Hij verrichtte voor de bevrijding van ons Vaderland baanbrekend werk. Dat hij moge rusten in Vrede!” (WVl) Uit de vele bronnen die ik raadpleegde komt naar voren dat Berend Dijkman gedurende oorlog een gedreven, onverschrokken en bekwaam verzetsman is geweest. Na zijn arrestatie op 14/15-11-1944 heeft hij – mogelijk met de wetenschap dat door de vondst van het verzetsarchief veel bekend was – en mogelijk om zijn leven te redden, waarschijnlijk afspraken gemaakt. De verklaring van de S.D.-er Thonon dat de S.D. bij monde van Verhulsdonk heeft toegezegd hem niet te fusilleren wijst in die richting. Misschien ook heeft hij er op gespeculeerd dat velen waren verkast naar andere onderkomens. Bijna had hij de eindstreep (de bevrijding) gehaald. Helaas sneuvelde hij net voor die bereikt was. Tot enkele weken voor de bevrijding verbleef hij in de Willem III-kazerne in Apeldoorn, waarna hij met andere gevangenen door de S.D. werd weggevoerd richting Duitsland.

Op 29-03-1945 worden de gevangenen, waaronder Dijkman, bij Wierden door de S.D. met een nekschot vermoord. (WVl) Terugblikkend op dit “onderzoek” heb ik me verwonderd over de bizarre samenloop van omstandigheden tijdens de overval op bakkerij Drost, die zo veel verzetsmensen noodlottig werd. Bij het verhaal Dijkman sinds die fatale overval moest ik steeds denken aan de ballade van Boudewijn de Groot/Lennaert Nijgh: “Hoe sterk is de eenzame fietser?”. Zeker bij zo’n orkaan als tegenwind. Ook is me weer gebleken dat naspeuringen naar het verleden vaak veel nieuwe vraagtekens opleveren. Dit artikel vormt daarop geen uitzondering!

mei 2003 Eef Lubbersen.

Bronnen:
Kroniek van Ede gedurende de bezettingstijd. Th.A. Boeree (BO)
Putten, de razzia en de herinnering. Madelon de Keizer (de K)
Woeste Hoeve 8 maart 1945. Henk Berends (HB)
Putten 1940-1945 – Kroniek. Klaas Friso
In Vredesnaam. Wim Vlijm (WVl)
Niet officieel verslag van verhoren S.D.-ers Apeldoorn door P.O.D. (P.O.D.)
Interview en schriftelijke verklaring W. Born
De Zwarte Herfst – Arnhem 1944. C.A. Dekker/L.P.J. Vroemen (ZwH)
Politierapport 1940-1945. H. Kraaijenbrink
Van ’t Erf van Ermel nr. 20 – januari 1999
De Noord-West Veluwe bevrijd. F.J. van der Mooren.

Stichting Oktober 44, Midden Engweg 1, 3882 TS Putten